Zuidoost-Brabant is de regio met de sterkste verwachte banengroei van Nederland, maar die groei staat onder druk. Nieuwe UWV-cijfers laten zien dat de arbeidsmarkt in de Brainportregio gunstiger scoort dan het nationale gemiddelde, dankzij de hightechindustrie en bevolkingsgroei. Tegelijkertijd zaaien de oorlog in het Midden-Oosten en oplopende energieprijzen onzekerheid over hoe sterk die groei uitpakt.
Dat blijkt uit de Regionale Arbeidsmarktprognose 2026-2028 die UWV vandaag publiceerde. In het gunstige scenario, waarbij de oorlog snel eindigt en de energieprijzen dalen naar het niveau van februari 2026, groeit het aantal banen in Zuidoost-Brabant tussen 2025 en 2028 met 15.000 (+3,6%). Dat is ruim boven het nationale gemiddelde van 1,7%. Blijven de energieprijzen structureel hoog, dan valt de groei terug naar 12.400 banen (+3,0%), maar blijft Zuidoost-Brabant ook in dat scenario boven het nationale gemiddelde.
Hightech als anker
De gunstige positie van de regio is voor een groot deel te danken aan de samenstelling van de regionale economie. De industrie is de grootste sector in Zuidoost-Brabant, goed voor 17% van de werkgelegenheid, en profiteert van de wereldwijde digitaliseringsgolf. Producenten van chipmachines, batterijen en datacenterapparatuur verwachten hun productie op peil te houden. Sectoren als ICT, specialistische zakelijke diensten en zorg en welzijn groeien daar bovenop. Tegelijkertijd krimpt de werkgelegenheid in detailhandel, horeca, landbouw en financiële dienstverlening, sectoren die onder druk staan door automatisering en veranderend consumentengedrag.
Energie-intensieve regio’s als Noord-Limburg en Rivierenland, waar chemie, transport en basismetaal een groter aandeel vormen, zijn kwetsbaarder voor hoge energieprijzen. Zuidoost-Brabant scoort op dit vlak gemiddeld, wat de regio relatief minder blootstelt aan de meest directe gevolgen van de energieprijsstijgingen.
Vergrijzing vult vacaturelijsten
Ondanks de banengroei blijft de arbeidsmarkt krap. De meeste vacatures ontstaan niet door uitbreiding, maar door vervangingsvraag: werknemers die met pensioen gaan. In Zuidoost-Brabant is ongeveer één op de tien werknemers, zo’n 24.200 mensen, tussen de 60 en 67 jaar. Dat levert de komende jaren een structurele vervangingsvraag op die werkgevers voor een aanhoudend wervingsprobleem stelt.
Tegelijk verschuift de markt van zelfstandigen naar loondienst. De hervatting van de handhaving op schijnzelfstandigheid door de Belastingdienst per 1 januari 2025 heeft al effect: landelijk daalde het aantal zzp’ers vorig jaar met 62.000. In Zuidoost-Brabant daalt het aantal zelfstandige banen naar verwachting verder, terwijl het aantal werknemersbanen toeneemt tot ruim 364.000 in 2028.
AI verandert de vraag naar vaardigheden
Op langere termijn speelt ook kunstmatige intelligentie een rol. Bijna de helft van de werkgevers verwacht dat AI-toepassingen andere vaardigheden vereisen van hun personeel. Enrico Sterken, rayonmanager bij UWV, benadrukt het belang van permanente ontwikkeling: werkzoekenden en werkenden die blijven investeren in hun vaardigheden, staan sterker op een arbeidsmarkt die snel verandert.
Inwoners die hulp zoeken bij het vinden van werk of een opleiding, kunnen terecht bij Werkcentrum Zuidoost-Brabant, het regionale loket voor vragen over werk, scholing en loopbaan. Ook werkgevers kunnen er aankloppen voor ondersteuning bij werving en bij regelingen en subsidies. Het Werkcentrum is een samenwerkingsverband van gemeenten, UWV, werkgeversorganisaties, vakbonden, de Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) en onderwijs- en opleidingsinstellingen.

