Door deze site te gebruiken, gaat u akkoord met het privacybeleid en gebruiksvoorwaarden.
Accepteren
FRITSFRITSFRITS
  • Overzicht
  • Magazine
    • Interviews
    • Reportages
    • Columns
    • Advertorials
    • FRITS Top 50
    • In opdracht
  • Thema’s
    • Gidsen
    • Restaurant Top 50
  • Tips
    • Uitgelicht
    • B(u)y Locals
  • Community
    • Nieuwsbrief
    • Vrienden van FRITS
    • FLITS!
    • Partners
  • Nieuws
    • Actueel
    • Eindje van de Week
    • Socials
  • Adverteren
  • Over
U leest: De Rafelranden
FRITSFRITS
Zoeken
  • Overzicht
  • Magazine
    • Interviews
    • Reportages
    • Columns
    • Advertorials
    • FRITS Top 50
    • In opdracht
  • Thema’s
    • Gidsen
    • Restaurant Top 50
  • Tips
    • Uitgelicht
    • B(u)y Locals
  • Community
    • Nieuwsbrief
    • Vrienden van FRITS
    • FLITS!
    • Partners
  • Nieuws
    • Actueel
    • Eindje van de Week
    • Socials
  • Adverteren
  • Over
Volg ons
  • Privacybeleid
  • Voorwaarden
  • Over FRITS
  • Contact
© Frits.nl alle rechten voorbehouden.
Abonneren op de FRITS? Klik hier
FRITS > Magazine > Magazine > Reportages > De Rafelranden
Reportages

De Rafelranden

Runa Hellinga
Laatst geüpdatet 30/04/2026 op 2:17
Runa Hellinga 3 weken geleden 147 keer gelezen 11 minuten lezen René Manders/DCI Media

Sectie-C en Microlab vrezen onzekere toekomst

Vorig jaar plofte er bij de Eindhovense gemeenteraad een brandbrief van De Creatieve Laag op de mat. Daarin sprak dit netwerk van creatieve broedplaatsen in Eindhoven zijn zorg uit over het verlies van plekken in de stad waar designers en makers terecht kunnen. Volgens de brandbrief is er al een tekort aan creatieve ruimte en staat zo’n 57.000 vierkante meter aan creatieve ruimte onder druk.

Tekst: Runa Hellinga | Foto’s: René Manders/DCI Media

 

De rafelranden van de stad worden ze vaak genoemd: leegstaande voormalige bedrijfsterreinen en -gebouwen die onderdak bieden aan ateliers en werkplaatsen waar makers – kunstenaars, ontwerpers, ambachtslieden – terecht kunnen. Kleurrijk en vaak een beetje chaotisch. Zoals Strijp-S ooit was voor die wijk zich ontwikkelde tot een hip stedelijk centrum en zoals Sectie-C, het zes hectare grote voormalige industrieterrein van Stork-Nolte Elektrotechnische en Mechanische Industrie, dat nog steeds is.

De machines waar Stork ooit schakelborden, lantaarnpalen en verkeersborden mee maakte, hebben plaatsgemaakt voor de meest verschillende ateliers, werkplaatsen en bedrijven. Hier staat een rij pastelkleurige betonnen katachtige beelden, daar een uit betonblokken gebouwde Amerikaanse pick-up truck die gemaakt lijkt te zijn voor Fred Flintstone. Reusachtige muurschilderingen verlevendigen de oude fabriekshallen. Overal zijn zitjes, soms niet meer dan een paar oude stoelen, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten.

Sectie-C biedt onderdak aan meer dan 250 creatieve ondernemers die samen werk geven aan zo’n duizend mensen: kunstenaars, ontwerpers en ambachtslieden, maar ook muzikanten en schrijvers. Omdat het terrein volgens het bestemmingsplan nog steeds een industriële bestemming heeft, zijn er weinig beperkingen als het om geluid of het gebruik van bepaalde machines gaat en kan er van alles wat elders door regels wordt beperkt. Er werken zowel meer gevestigde makers als mensen die net van de Design Academy komen.

Het is juist deze kruisbestuiving die dit soort plekken zo belangrijk maken voor het culturele ecosysteem van Eindhoven, zegt Jur Jacobs van Sectie-C. Maar net als elders in de stad staat ook deze stedelijke rafelrand onder druk. Er zijn plannen om 1.300 woningen te bouwen, deels in hoogbouw van zestien verdiepingen.

In die plannen is ruimte voor ateliers en werkruimtes voor makers maar dat het karakter van het gebied desondanks zal veranderen, staat vast. Al was het maar, omdat Sectie-C straks geen industriële bestemming meer heeft en dus onder andere regelgeving komt te vallen die past bij de woonfunctie die de rest van het gebied krijgt.

Jacobs bestrijdt het belang van woningbouw absoluut niet. „Maar het verdwijnen van dit soort gebieden is vooral voor startende makers echt een probleem. De gevestigde makers vinden wel een plek, zij kunnen zich ook meer veroorloven. Maar ieder jaar komen er een nieuwe lichting makers van de Design Academie en het SintLucas. Ze hebben het al heel moeilijk om woonruimte te vinden, en daar komt dan het probleem van betaalbare werkruimte bij.

Je ziet dat die mensen Eindhoven verlaten en naar Tilburg of Rotterdam gaan, waar meer kansen zijn. Dat gaat ten koste van het hele creatieve ecosysteem want ook de zittende makers hebben die jonge mensen en de nieuwe ideeën nodig. Het heeft grote weerslag op Eindhoven als designstad.”

Ook interessant

Nieuw stadion kans voor FC Eindhoven

Nieuwe directeuren

Esp: De groenparel aan de noordkant van Eindhoven

Hechte groene villawijk van buurtborrels en walking dinners

Philips Fruittuin kweekt nieuwe loten

Op gemeentelijk niveau groeit dat besef inmiddels ook. Op 22 oktober lanceerde burgemeester Jeroen Dijsselbloem het Design Development Eindhoven, een initiatief om de designsector in Eindhoven te versterken. Het dreigende vertrek van de Design Academy vorig jaar was een wake-up-call, zei hij bij die gelegenheid. Voor het eerst maakt Eindhoven daarom echt geld vrij om het design-ecosysteem te versterken. De gemeente trekt daar de komende vijf jaar jaarlijks twee ton voor uit.

Wat dat voor de rafelranden betekent, is afwachten, want de vraag naar ruimte voor woningbouw en high tech industrie is er nu eenmaal ook. Tanja Mlaker, directeur van Cultuur Eindhoven, de stichting die verantwoordelijk is voor de uitvoering van het cultuurbeleid van de gemeente Eindhoven, herkent de problemen en de zorg van Jacobs.

„Je ziet dat er in die rafelranden oorspronkelijk voldoende ruimtes waren, maar dat soort gebieden heeft altijd een tijdelijk karakter. Dat kan ook niet anders, het zijn oude gebouwen die zonder onderhoud verder vervallen. Daar moet je dus iets mee en daar heb ik geen moeite mee. Maar die plekken hebben wel een belangrijke functie, dus als je denkt over de ontwikkeling van de stad moet je dat wel meenemen. Je moet ruimte houden waar nieuwe generaties makers zich kunnen ontwikkelen en hun model vinden.

Uiteindelijk gaan we ervan uit dat kunstenaars en creatieve ondernemers op zeker moment voldoende verdienen om elders ruimte te huren. Maar dat gebeurt niet van de ene dag op de andere, dat heeft tijd nodig.” Gelijktijdig, zegt ze, is het natuurlijk niet zo dat iedere creatieve ondernemer hele goedkope werkruimte hoeft te hebben. „Gevestigde kunstenaars kunnen andere werkruimtes betalen. Daar moet je ook rekening mee houden. Wat je wilt, is doorstroming zodat die betaalbare plekken vrijkomen voor starters.”

De rafelranden zijn niet alleen voor de gebruikers van belang. Ze dragen bij aan de totale leefbaarheid van de stad. Nadat Philips was weggegaan uit Strijp-S was dat een wat desolaat gebied totdat het door makers en door doeners in gebruik werd genomen. Een aantal van de voorlopers destijds zijn inmiddels volwaardige ondernemingen geworden, zoals Area51, ooit begonnen als een baan voor BMX’ers, inmiddels een complex dat ruimte biedt aan meerdere sporten, dans, kunst, festivals en poëzieavonden. Die ontwikkelingen hebben Strijp-S tot ver buiten Eindhoven op de kaart gezet.

„Wat je vaak ziet gebeuren is dat creatieve ondernemers in de rafelranden ervoor zorgen dat zo’n gebied een plek hip en leuk wordt, waarna anderen zoals projectontwikkelaars geïnteresseerd raken”, zegt Luuk Visser, die elf jaar geleden samen met zijn broer het initiatief nam tot het Microlab op Strijp-S waar zo’n 220 creatieve en andere ondernemers onderdak vonden in een oud Philips-laboratorium en waar al met al zo’n vierduizend mensen gebruik van maken.

 

De situatie waar we inzitten, is heel onzeker’

 

Op de onderste verdieping zijn ateliers en werkruimtes voor kunstenaars en ambachtslieden, die maandelijks vijfhonderd euro betalen waarvoor ze naast hun eigen ruimte kunnen beschikken over het gezamenlijke machinepark, van zaagbanken tot een spuitcabine. De verdiepingen daarboven worden verhuurd aan meer draagkrachtige ondernemers die zo samen zorgen dat de creatieve ondernemers betaalbaar onderdak houden.

Microlab huurt het gebouw van de gemeente, en dat contract loopt volgend jaar af. Niet voor het eerst in de tijd dat hij het Microlab exploiteert, weet Visser nog niet hoe het daarna verder zal gaan. „We zijn momenteel in gesprek over de toekomst”, zegt hij. „Ik hoop uiteraard dat we eruit komen want als dat niet lukt zou dat niet alleen slecht nieuws zijn voor de creatieve ondernemers in het Microlab maar ook voor de studenten van de creatieve vakschool SintLucas op Strijp-S en Summa en de studenten van de Design Academy. Én voor de exposanten van de Dutch Design Week die in de week daaraan voorafgaande regelmatig gebruik maken van de faciliteiten in het Microlab. De situatie waar we inzitten, is heel onzeker, ook voor de makers. Op een bepaald moment moet je besluiten: blijven we open of niet?” Het is geen kwade wil van de gemeente, zegt hij erbij, al zou die af en toe wat dapperder kunnen wezen.

Ook bij de vastgoedbedrijven zitten partijen die goede dingen doen. Maar de belangen van woningbouw, high tech en creatieve ondernemers zijn soms moeilijk te combineren. Dat zegt ook Fieke van den Beuken, manager vastgoed en projectontwikkeling bij woningcoöperatie Trudo, vanaf het begin een van de kartrekkers van de herontwikkeling van Strijp-S. Behalve woningen was ruimte voor creatieve en startende ondernemers daarbij ook een doel.

„Wij hechten veel belang aan gebiedsontwikkeling en wijkontwikkeling en kijken daarbij heel bewust verder dan wonen. Daarom bieden we al vanaf het begin op Strijp-S ruimtes aan waar makers terecht kunnen – denk aan het Klokgebouw en de Apparatenfabriek maar ook aan Area51 en het Veem. Zij maken het gebied levendig. Maar een probleem in oude industriegebieden als Strijp-S is dat de oude fabrieksgebouwen waar de makers werken onderhoud en verduurzaming nodig hebben. Dat maakt het lastig om de prijzen voor werkruimtes laag te houden.”

Al staat de culturele ruimte op Strijp-S onder druk, niemand betwist dat die moet blijven bestaan. Gebouwen als het Klokgebouw, het Ketelhuis, de Machinekamer en Area51 hebben een belangrijke functie in het karakter van het gebied. Maar zelfs als gemeente en vastgoedontwikkelaars het belang van creatieve ruimtes zien, zorgt de transformatie van rafelrand naar een woonwijk met ook ruimte voor makers en doeners soms voor botsende belangen, weet Van den Beuken uit eigen ervaring: „Hoewel mensen die op Strijp-S komen wonen daar vaak echt voor kiezen en ervoor tekenen dat ze zich bewust zijn van de andere functies in de wijk, klagen sommigen later toch over overlast.”

 

 

 

Runa Hellinga 30/04/2026 30/04/2026
Deel dit artikel
Facebook Twitter Whatsapp Whatsapp LinkedIn Telegram Email
Wat denkt u ervan?
Love0
Sad0
Happy0
Sleepy0
Angry0
Wink0
Vorige artikel ‘Ik denk dat we hier het licht wel hebben gezien’
Volgende artikel ‘Nee staat niet in ons woordenboek’
Laat een reactie achter

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ook interessant

3
Reportages

Nieuw stadion kans voor FC Eindhoven

Door Hans Matheeuwsen 2 weken geleden
Reportages

Nieuwe directeuren

Door Redactie 3 weken geleden
5
Reportages

Esp: De groenparel aan de noordkant van Eindhoven

Door Martin van Rooij 3 weken geleden
Toon meer
FRITS
  • Over FRITS
  • Gidsen
  • Magazine
  • Vrienden van FRITS
  • Abonneren
  • Contact
  • Adverteren
  • Algemene voorwaarden
  • Onze partners

Vind ons op de socials

Neem contact met ons op: redactie@frits.nl

2026 © Frits.nl alle rechten voorbehouden. | Powered by Space'M Online
  • Privacybeleid
  • Voorwaarden
  • Over FRITS
  • Contact
Welkom terug!

Meld u aan bij uw account

Wachtwoord vergeten?