De verbeeldingskracht van Jelle Engels
Van vloeren leggen bij ASML tot de ontwikkeling en toepassing van AI-software via InSpace op de High Tech Campus: Jelle Engels (36) belichaamt een nieuwe generatie Brainport-ondernemers. Geleid door creativiteit en langetermijnvisie is volgens Jelles eigen bedrijf zijn dromersmentaliteit het vertrekpunt van elke strategische beslissing.
Tekst: Stijn Engelen | Foto’s: Eddie Mol
Op de tiende verdieping van High Tech Campus 91 ligt de zonwering nog midden op de vloer. De meubels moeten nog komen. En ergens in zijn hoofd is Jelle alweer bezig met een bureau gemaakt van een oude vliegtuigvleugel. „Dat is toch vet”, lacht hij. Het kantoor van InSpace oogt nog als een halve bouwplaats, een ruimte die de groei van het bedrijf nauwelijks kan bijbenen. Nog geen anderhalf jaar geleden begon InSpace met zes mensen en geen enkele klant. Inmiddels telt het Eindhovense AI-softwarebedrijf vijftig medewerkers, bedient het klanten in twintig landen, zijn er kantoren in Antwerpen en Keulen en liggen er plannen voor vestigingen in Amsterdam en de Verenigde Staten. „Voor mij gaat het eigenlijk nooit snel genoeg”, verklaart Jelle. Zijn compagnons, Wouter Touw en Martijn Apeldoorn, lachen wanneer ze horen dat wij een uur krijgen voor het interview. „Heb je een uur met Jelle gekregen? Wij moeten het meestal met een kwartiertje doen.” Jelle schiet zelf, opnieuw, ook in de lach.
‘Er komt niks van jou terecht’
Leraren op de middelbare school voorspelden een heel andere toekomst voor hem. „Er waren docenten die letterlijk zeiden: er komt niks van jou terecht.” Hij lacht erom. „Dat waren wel mooie drive-momenten.” Op school voelde hij zich zelden thuis. „Ik heb altijd moeite gehad met dingen doen waar ik totaal geen interesse in had. Daardoor werd ik gezien als iemand die geen zin had. Maar eigenlijk ben ik best autodidact. Als iets me interesseert, kan ik mezelf alles leren.” Mede dankzij zijn vader, ook ondernemer, haalde hij uiteindelijk zijn diploma. „Hij was kneiterhard”, vertelt Jelle. „Ik werd een keer van mijn scooter gereden en lag thuis met een nekbrace. Stond hij de volgende ochtend naast mijn bed: ‘Moet je niet naar school?’” Hij grijnst. „Daar ben ik hem achteraf wel dankbaar voor.”
Belangrijkere dingen dan geld
Op achttienjarige leeftijd begon Jelle zijn eerste bedrijf, een elektronicazaak in Maarheeze. „Ik had een muur met wel vijftig televisies. Het ging als een speer.” Maar niet alles liep zoals hij had gehoopt. Toen de financiële crisis toesloeg en de markt voor luxeproducten instortte, kwam zijn bedrijf onder druk te staan. Een verkeerde investering deed de rest. „Ik was iets té ondernemend”, zegt hij lachend. „Vandaar dat ik nu ook compagnons heb.” De periode die volgde, werd een belangrijk kantelpunt. „Heel lang dacht ik dat het om geld ging. Maar dat is onzin. Wat je eigenlijk wilt, is vrijheid.” Verbitterd raakte hij niet. „Je kunt zuur worden van wat er misgaat. Dat zie ik best vaak. Maar je kunt ook kijken wat je ervan leert. Dat ben ik altijd blijven doen.” Terugkijkend noemt hij die periode vooral leerzaam. „Ook als je valt, moet je weer opstaan. Uiteindelijk gaat het erom dat je doet wat je leuk vindt en positief blijft.”
Ik denk dat veel mensen nog niet doorhebben hoe snel de wereld verandert’
Vloeren leggen bij ASML
Op advies van zijn tante ging hij vloeren leggen. Zijn vrouw zag er nog een ander voordeel in. „Als je met je handen gaat werken, krijgt je hoofd rust.” Hij kwam terecht bij een zelfstandige vloerenlegger. „Die man had zoveel passie voor zijn vak. Ik vond dat prachtig.” Drie jaar opleiding om het vak volledig te beheersen? Dat moest sneller kunnen. „Ik zei: ik wil een deal met je. Ik kom bij jou werken, maar dan leer jij mij in één jaar alles wat jij weet.” Een jaar later kon hij iedere vloer leggen die hij wilde. „Ik was niet de snelste, maar ik had nooit opleverpunten. Daar zit de echte kracht als je iets maakt.” Daarna volgden zijn broertje Fijkke, zwager Joost en vrienden. „Iedereen die werk zocht, haalde ik erbij. Dan gingen we gas geven.” Ook bij ASML. „Ik heb daar duizenden vierkante meters vloer gelegd”, lacht Jelle. Zonder het te beseffen keek hij van dichtbij naar de opkomst van de chipgigant. „De dingen die ik daar zag, zijn achteraf een enorme inspiratiebron geweest.”
De vlieger en het blok beton
Zijn huidige compagnon Wouter Touw is niet alleen zakenpartner, maar ook zijn zwager. Hun eerste samenwerking begon in 2016, met een telefoongesprek van vier uur. „Ik had een idee voor een applicatie binnen de tattoo-industrie.” Een dag later belde Wouter terug. „Hij zei: ‘Ik heb iets geks gedaan. Ik heb ontslag genomen en mijn auto op Marktplaats gezet. Mag ik meedoen?’”Het eerste project kostte veel geld. „We hadden niet het juiste verdienmodel gevonden.” Hij haalt zijn schouders op. „Veel geleerd.” De rollen zijn inmiddels duidelijk verdeeld. „Wouter zegt altijd: ‘Jelle is de vlieger en ik het blok beton’.” Hij lacht. „Ik mag vliegen en hij zorgt ervoor dat ik niet te ver weg ga.”
Zes mensen, geen klanten
Jelle ging terug naar de vloeren en bouwde vijf succesvolle ondernemingen op. Daardoor kwam hij opnieuw intensief in aanraking met marketing. En juist daar ontstond de frustratie die uiteindelijk zou leiden tot InSpace.
„Ik had zoveel slechte ervaringen met marketingbureaus.” Steeds weer zag hij ondernemers afhankelijk worden van advertenties, zoals Google- en Facebook Ads. „Als je stopt met betalen, ben je je zichtbaarheid kwijt. Dat voelde voor mij niet gezond.” Jelle wilde ondernemers juist helpen meer grip te krijgen op hun eigen zichtbaarheid. „Ik wil waarde toevoegen. Vanuit de lessen die ik zelf heb geleerd.” In eerste instantie bouwde hij samen met zijn compagnons een traditioneel marketingbureau. Tot AI alles veranderde. „Met ChatGPT en alles wat daarna kwam, voelden we: de wereld is echt aan het veranderen.” Ze verkochten hun aandelen en begonnen in maart 2025 opnieuw. Zes mensen, geen klanten. „Dat was best spannend.” Ook InSpace begon aanvankelijk op de traditionele manier. Achter de schermen onderzocht het team ondertussen de mogelijkheden van geautomatiseerde marketingsoftware. Daarbij speelde SEO-expert Joep van Gool een belangrijke rol. „Hij heeft de basis gelegd voor wat we nu bouwen.” Toen de eerste resultaten zichtbaar werden, wist het team genoeg. „We waren verbijsterd. Het was zoveel beter dan handmatig.”
Ik denk dat veel mensen nog niet doorhebben hoe snel de wereld verandert’
Het hart van Brainport
Sinds kort zit InSpace op High Tech Campus Eindhoven. „Als we nog een traditioneel marketingbureau waren geweest, hadden we hier niet eens mogen zitten.” Dat ze zijn toegelaten, voelt voor hem als een erkenning. „Wij bouwen product first. Een AI-gedreven softwarebedrijf. Dan past deze plek perfect.” Hij geniet zichtbaar van de omgeving. „Als je hier buiten loopt, leeft het. Op onze vorige locatie had ik dat gevoel niet. Hier voel je meteen de energie.” Zelfs in de VS maakt de naam indruk. „Ik vertelde laatst een klant in Silicon Valley waar we zaten en de reactie was meteen: wow.” Voor de geboren Veldhovenaar voelt het als thuiskomen. „Dit is het hart van Brainport.” En ook als het bedrijf verder groeit, wil hij nergens anders naartoe. „Ons hoofdkantoor zal op de High Tech Campus blijven.” Twintig jaar Brainport heeft Eindhoven veranderd. Jelle zag die ontwikkeling van dichtbij. Niet vanuit een bestuurskamer, maar letterlijk vanaf de vloer. „ASML is voor mij altijd een enorme inspiratiebron.” Nu hoopt hij dat In-Space hetzelfde kan worden voor anderen. „Ik voel dat wij ook zo’n inspiratiebron kunnen worden.” Volgens hem staat er een nieuwe generatie ondernemers op. Een generatie die technologie niet vreest, maar omarmt. „Ik denk dat veel mensen nog niet doorhebben hoe snel de wereld verandert.” InSpace is volgens Jelle dan ook geen nieuw marketingbureau. Integendeel. Hij wil juist af van het traditionele agency-model. Te veel ondernemers worden volgens hem afhankelijk gemaakt van dure uren, ingewikkelde marketingtaal en advertentiebudgetten die verdwijnen zodra je stopt met betalen. „De wereld gaat veel te snel om de mkb’er vast te houden in zo’n model. Ondernemers willen geen complexiteit. Ze willen begrijpen wat er gebeurt en vanuit data kunnen sturen.”
‘AI niet weg te denken’
AI wordt nog altijd onderschat, denkt hij. „Honderd procent. We gaan van systemen die losse taken automatiseren naar agents die doelen begrijpen, keuzes voorbereiden en werk kunnen aansturen. Veel mensen hebben nog niet door wat dat gaat betekenen.” Hij ziet AI niet als een bedreiging voor banen, maar als een nieuwe manier van werken. „Ik denk niet dat het zo simpel is dat beroepen verdwijnen. Vooral taken verdwijnen, waardoor de rol van mensen verandert. In ons vak werd alles handmatig gedaan. Diezelfde persoon zit nu meer in de cockpit, gestuurd door data.” Juist daarom is de zoektocht naar talent misschien wel de grootste uitdaging. „We bouwen hier iets wat in deze vorm nog niet eerder is gemaakt. Daarvoor zoeken we continu toptalent dat niet bang is om mee te bouwen aan iets wat nog niet bestaat.” Voor Jelle is dat precies waar Brainport voor staat. „Dit is een regio van bouwers. Mensen die technologie niet alleen interessant vinden, maar toepasbaar maken.”
Hij is ervan overtuigd dat technologie ons juist meer ruimte gaat geven. „Ik denk dat we meer tijd overhouden voor kwaliteit van leven.” Daar draait het volgens hem uiteindelijk om. „Ik doe wat ik leuk vind. Daardoor ben ik gelukkig.”
Terug op de tiende verdieping van High Tech Campus 91 ligt de zonwering nog altijd op de vloer. De meubels moeten nog komen en ook op die oude vliegtuigvleugel zal Jelle nog even moeten wachten. „Eerlijk? Voor mij gaat het nog steeds et snel genoeg.”




