Het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven start samen met Philips en de Technische Universiteit Eindhoven met het plaatsen van slimme camera’s op de hartafdeling. De camera’s, gecombineerd met kunstmatige intelligentie, moeten complicaties na hartoperaties sneller signaleren en het herstel van patienten beter voorspellen. Het project, genaamd Advance ForSee, wordt gefinancierd met steun van ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie.
Het idee achter de technologie is relatief eenvoudig: een camera met speciale software houdt bedlegerige patienten in de gaten en registreert continu vitale functies als hartslag en ademfrequentie. Een AI-algoritme analyseert die gegevens en zoekt naar patronen die op verslechtering kunnen wijzen, of juist op een voorspoedig herstel. Daarmee kunnen artsen eerder ingrijpen wanneer dat nodig is, en sneller bepalen wanneer een patient veilig naar huis kan.
Van meten naar voorspellen
Advance ForSee bouwt voort op een eerder onderzoeksproject, ForSee, waarin de drie partijen al aantoonden dat het betrouwbaar meten van hartslag en ademfrequentie via camera’s mogelijk is. De nieuwe stap is dat het systeem niet alleen registreert wat er op dit moment gebeurt, maar ook voorspelt wat er kan gaan gebeuren. “Dat geeft artsen en verpleegkundigen een hulpmiddel om eerder in te grijpen en beter te kunnen beslissen over de verwachte opnameduur,” zegt Gijs van Steenbergen, onderzoeker en cardioloog in opleiding bij het Catharina Ziekenhuis.
De technologie wordt nu daadwerkelijk ingezet op een aantal patientenkamers van de hartafdeling. Verpleegkundigen hoeven vitale functies daardoor niet meer handmatig te meten, wat ruimte vrijmaakt voor directe patientenzorg, een relevant gegeven in een tijd waarin het personeelstekort in de zorg een van de grootste knelpunten is.
Privacy: beelden worden niet opgeslagen
Het plaatsen van camera’s op patientenkamers roept logischerwijs privacyvragen op. Volgens het projectteam worden de camerabeelden niet opgeslagen en volledig geanonimiseerd verwerkt. Het algoritme analyseert de beelden uitsluitend op pixelniveau, waardoor patienten niet herkenbaar zijn. Bovendien kunnen patienten via een zogeheten privacyluik de monitoring zelf tijdelijk stopzetten, bijvoorbeeld tijdens verzorgingsmomenten. Patienten zijn bij het opzetten van het onderzoek betrokken geweest.
Brainport-samenwerking als basis
Het project is een initiatief van e/MTIC, het Eindhoven MedTech Innovation Center. Dat is een samenwerkingsverband van vijf Eindhovense organisaties, waaronder de TU/e, Philips, het Catharina Ziekenhuis, Maxima Medisch Centrum en expertisecentrum Kempenhaeghe, dat zich richt op het versnellen van medisch-technologische innovaties. De combinatie van een topklinisch ziekenhuis, een technische universiteit en een technologiebedrijf als Philips binnen een straal van enkele kilometers is typerend voor het Brainport-ecosysteem.
Mark van Gastel, Algorithm Development Lead bij Philips, benadrukt het belang van die nabijheid: de nauwe samenwerking met klinische partners maakt het volgens hem mogelijk om technologie op een verantwoorde manier te valideren en te integreren in de dagelijkse zorgpraktijk.
Of de technologie op termijn ook buiten de hartchirurgie toepasbaar is, zal moeten blijken. Van Steenbergen hoopt van wel: “Niet alleen voor hartpatienten, maar uiteindelijk voor de zorg als geheel.”

